Klaar voor de overname?

Wie een land- of tuinbouwbedrijf wil overnemen, kan met heel wat vragen zitten, zoals:

  • Hoe neem je onroerend goed zoals grond en gebouwen over? 
  • Zijn er steunmaatregelen? 
  • Hoe wordt de waarde van een bedrijf bepaald? 
  • Welke bedrijfsvorm kies ik best?
  • Heb ik in de toekomst (blijvend) voldoende toegang tot grond en andere productiefactoren?
  • Hoe weet ik of ik voldoende kapitaal heb?
  • Heb ik een voldoende grote afzetmarkt?

 

Zo ondersteunen we

Een aantal jaar geleden richtten Groene Kring, Boerenbond, Innovatiesteunpunt, SBB en KBC het Kenniscentrum Bedrijfsopvolging (KCBO) op, om bedrijfsopvolging gecentraliseerd en in samenwerking op te volgen. Het kenniscentrum biedt deze ondersteuning:

Daarnaast kan een jonge overnemer bij Groene Kring terecht voor de opleidingen junior class management en junior class financieel inzicht. En in het magazine Stiel focust regelmatig op aspecten en getuigenissen van bedrijfsovernames.

Bekijk de artikels uit Stiel

 

Brochures vol antwoorden

Welke vragen heb jij over bedrijfsovername?

Kan je een landbouwbedrijf van nul beginnen?

In principe wel, als je een locatie vindt waar je landbouw kan uitvoeren, maar er zijn veel obstakels. De grootste uitdaging echter vandaag de dag is de zoektocht naar landbouwgrond. Daarnaast moet je voor vele sectoren al een bepaalde omvang hebben om rendabel te kunnen zijn: dat maakt de sprong zeer groot. We zien starters in land- en tuinbouw daarom voornamelijk in de CSA-sector en de biologische plantaardige sector met korte ketentak. Dit komt voornamelijk doordat de prijsvorming in deze landbouwvormen beter is dan bij gangbare landbouw, en er is ook nog eens minder areaal nodig. Voor vragen rond het starten van een landbouwbedrijf kan je terecht bij de dienstbetoonconsulenten van Boerenbond. Heb je concrete plannen? Ga dan naar een bedrijfseconomisch adviseur van bijvoorbeeld SBB.

Wat zijn de key-elementen waarmee rekening moet worden gehouden bij een bedrijfsovername?
  • Tijdslijn: wie gaat wanneer in het bedrijf stappen en wie gaat wanneer het bedrijf verlaten?

  • Hoe zie je de toekomst van het bedrijf, zijn er investeringen nodig? Wat is je timing?

  • Hoe ziet het bedrijf er financieel uit? Wat zijn de prognoses? Is er voldoende arbeidsinkomen voor het aantal familieleden die thuis gaan werken?

  • Hoe gaan jullie de samenwerking organiseren? Zorg dat er goede afspraken vastgelegd zijn.

  • De sociale aspecten. Hoe past de ouder, broer/zus, partner in het overnameverhaal? Hoe ga je het vertrouwen winnen van leveranciers en afnemers? Vergeet ook het onderhouden van goede contacten met collega boeren en buurtbewoners niet. Ook het contact met de werknemers mag zeker niet onderschat worden.

Welke bedrijfsstructuren zijn er mogelijk?

Veel aandacht moet besteed worden aan ondernemingsvorm. Streven we naar een volledige overname of een gedeeltelijke en geleidelijke overname met een samenwerking? Blijven de overlaters nog actief? Zoja, onder welke voorwaarden? Nemen man en vrouw/vriendin samen over? Gaan we uitbaten als éénmanszaak, een maatschap of een vennootschap?

Bij een samenuitbating hebben zowel de overlater als overnemer de eindverantwoordelijkheid over het bedrijf. Op het bedrijf leven er twee (verschillende) opvattingen die men moet combineren op één bedrijf. Een samenuitbating is een eerste stap, die de volledige overname vergemakkelijkt. Om alles vlot te laten verlopen, moeten er duidelijke afspraken gemaakt worden rond de samenwerking en rond het inkomen. Het is belangrijk een einddatum af te spreken. De einddatum is zowel voor de overlater als de overnemer van belang om je voor te bereiden op de volledige overname.

Een maatschap komt bijna uitsluitend in familie verband voor maar als exploitatievorm wordt de maatschap steeds minder opgericht en stapt SBB in zijn advisering steeds vaker over naar een andere samenwerkingsvormen zoals de (landbouw) vennootschap. Enerzijds is de maatschap een zeer eenvoudige structuur met weinig administratieve verplichtingen en kosten. De voornaamste nadelen liggen op gebied van (het ontbreken van) rechtspersoonlijkheid en het blijft steeds moeilijk om te beslissen bij grote (onroerende) investeringen. Deze nadelen zijn veel beter te kanaliseren in een vennootschap waar de onderlinge afspraken in de statuten of een huishoudelijk reglement worden vastgelegd.

Bij een volledige bedrijfsovername heb je de keuze om het bedrijf uit te baten als natuurlijke persoon in een éénmanszaak. Deze bedrijfsvorm is veruit de belangrijkste en meest voorkomende. Voor de overnemer betekent het de verwezenlijking van een droom en de start van een eigen zaak. Voor de adviesverlener betekent het dat alle registers moeten open getrokken worden om in het oerwoud van alle regelgeving alle sociale, financiële-economische en juridisch-administratieve aspecten met elkaar te verzoenen en te optimaliseren voor de unieke situatie waarin elk bedrijf en elke overnemer verkeert. Dit maar om te zeggen: geen enkele situatie is hetzelfde en elke overname is complex en per definitie maatwerk.

De bedrijfsbekleding wordt normaliter volledig overgenomen van de overlaters, de gebouwen en gronden worden uit financiële overwegingen dikwijls gepacht. Bij een éénmans-zaak is er uiteraard maar één bedrijfsleider. De positie van de partner is in deze bedrijfsvorm bijgevolg niet evenwaardig. Vermogensrechterlijk is er niet onmiddellijk een probleem omdat daar het huwelijkscontract doorslaggevend is. Indien de partner evenwaardig in de onderneming wil participeren moet je een maatschap of een vennootschap oprichten. Net als bij de maatschap ben je hoofdelijk en onbeperkt aansprakelijk. Indien je deze aansprakelijkheid wil beperken dan moet je bepaalde vennootschapsvormen overwegen.

Naargelang de situatie zijn er verschillende voor- en nadelen om ter gelegenheid van de overname een vennootschap op te richten. Bovendien zijn er verschillende soorten vennootschappen, ook elk met zijn voor- en nadelen. Alleszins speelt de aansprakelijkheid een belangrijke rol. Naarmate dat een bedrijf meer risico loop en afhankelijk is van externe omstandigheden, zoals sterk fluctuerende grondstoffen- en marktprijzen is beperking van aansprakelijkheid wenselijk.

  • De meest logische keuze tussen de vennootschappen zou dan de BVBA zijn, maar bij de keuze voor een vennootschap is het van cruciaal belang om alle voor- en nadelen naast elkaar te leggen en af te wegen. Bij de keuze voor een BVBA is de beperking van aansprakelijkheid een voordeel, maar daarentegen zijn de oprichtings- en werkingskosten hoger wat meteen ook een nadeel kan zijn. Bij land- en tuinbouwbedrijven, die vaak grondgebonden zijn, is de pachtwet ook een belangrijk argument dat moet meegenomen worden in de keuze voor een vennootschap. Een belangrijk nadeel is dat bij een omvorming naar een vennootschap geen automatische pachtoverdracht voorzien is.

  • Dus grondgebonden bedrijven kiezen beter voor de landbouwvennootschap (LV). De LV is beter afgestemd op de specifieke sectorwetgeving zoals de pachtwetgeving en bij een omvorming naar een LV is een pachtoverdracht helemaal niet nodig.

De fiscaliteit is zeker een belangrijk beslissingscriterium om de toekomstige bedrijfsstructuur na overname te bepalen. Achteraf kan men wel van structuur veranderen maar dit brengt extra kosten met zich mee, die vermeden kunnen worden. Goed nadenken over de bedrijfsstructuur en het fiscale systeem is dus een must.

Hoe doe je een bedrijfsinschatting? Waar moet je zeker rekening mee houden?

Voor de waardering maken we een opsplitsing tussen de waardering van de roerende goederen (bv. voorraden, machines, dieren, …) en de onroerende goederen (gebouwen, grond). De waardering van roerende goederen kan je in principe zelf: je maakt een inventaris van de aanwezige goederen (die lijst kan je bijvoorbeeld uit de boekhouding halen), en overnemer en overlater overlopen deze samen en plakken er zelf een waarde op. Dit kan achteraf dan besproken worden met de boekhouder. Voor de waardering van onroerende goederen raden we aan om dit te laten schatten door een externe schatter die gespecialiseerd is in agrarische bedrijven, zoals SBB. Zij kunnen hier een correcte prijs op plakken, rekening houdend met de landbouwkenmerken en leveren een mooi schattingsverslag af. Door deze onroerende goederen extern te laten schatten zorg je er voor dat er achteraf minder discussies kunnen ontstaan tussen de familie.

Wat zijn de grootste valkuilen bij een bedrijfsovername?

Niet genoeg tijd nemen, en niet voldoende praten met elkaar. Meestal wordt er wel voldoende tijd en energie gestoken in de “technische” kant van de bedrijfsopvolging: de fiscale, financiële kant, de uitbatingsvorm enz. Maar de menselijke, familiale kant wordt vaak wat aan de kant geschoven. “we doen dat later wel, bij ons zal dat wel vanzelf lopen, we komen goed overeen, dat gaat niet mislopen, we lossen dat probleem op als het zich voordoet, ….” Vergis je niet, gesprekken over iedereen zijn rol en de manier van samenwerken is bij ieder bedrijf en ieder gezin écht noodzakelijk. Eigenlijk is het vreemd dat we dat nog steeds gemakkelijk over het hoofd zien.

Kan een bedrijfsovername enkel binnen familie of is dat niet noodzakelijk?

De meeste bedrijfsovernames in land- en tuinbouw vinden plaats binnen de familie. Dit is zo historisch gegroeid, maar ook de hoge investeringsgraad en de toegankelijkheid tot grond liggen hier aan de basis. Af en toe zien we toch ook externe overnames, dit is zeker mogelijk, ook de VLIF-overnamesteun is hiervoor mogelijk. Nog meer dan bij familiale overname zal er in dat geval zeer goede afspraken moeten vastgelegd worden rond de timing, de eventuele samenwerking tussen opvolger en overnemer en het gebruik van de gronden.

Is groter = beter? Moet je steeds groeien als je een bedrijf overneemt?

De overname is vaak ook het moment waarop er gekeken wordt naar de toekomst van het bedrijf: waar willen we naar toe, hoe zien we dat gebeuren, en wie gaat er wat doen. Vaak zijn de ouders op het moment van de overname nog relatief jong, waardoor zij ook nog wat jaren zullen meedraaien op het bedrijf. Dit is vaak een van de argumenten om het bedrijf te doen groeien: om meer arbeid/inkomen te creëren. Een aandachtspunt hierbij is dat je goed nadenkt over hoe je die extra arbeid zal opvangen op het moment dat de ouders uit het bedrijf stappen: kan je meer automatiseren? Zal er op dat moment een van de takken afgebouwd worden? Zal je eventueel met personeel werken (en is dit financieel haalbaar?). Neen, je moet dus niet groeien als je een bedrijf overneemt, maar een van de aandachtspunten zal wel het arbeidsinkomen zijn voor de twee generaties.

Verschilt een landbouwbedrijfsovername sterk van een overname van een ander bedrijf?

Er zijn wel wat verschillen te zien. Zo heb je een extreem grote verbondenheid tussen het bedrijf en het gezin: je woont letterlijk waar je werkt, en het bedrijf heeft een grote invloed op het privéleven: je moet als landbouwersgezin nu eenmaal heel flexibel zijn. Daarnaast heb je een zeer grote investeringskost: stallen, serres, voorraden, dieren, … en dan spreken we nog niet over de landbouwgrond. In vergelijking met andere sectoren hebben we in de landbouw een zeer grote vaste kost. Leningen voor een overname of voor een investering lopen dan ook soms langer dan dit in andere sectoren zou zijn. Tenslotte valt het ook op dat land- en tuinbouwerskinderen op relatief jonge leeftijd het bedrijf overnemen, in andere sectoren zien we dat vaak pas gebeuren als ze de dertig gepasseerd zijn.

Hoe financier je een overname van een landbouwbedrijf?

Een belangrijke stap bij de bedrijfsopvolging is op voorhand een goed financieel plan maken: wat zijn de prognoses de komende jaren, welke investeringen zullen er gedaan moeten worden, welke plannen zijn er, en welke inkomens moeten er uit het bedrijf komen. Dit financieel plan heb je enerzijds voor jezelf nodig om een goed inzicht te krijgen (met wat ben ik bezig), maar ook voor de bank. Zij analyseren de haalbaarheid van het overnameproject. Als het een realistisch en haalbaar project is dan is een (grote) eigen inbreng bij de eerste overname niet altijd noodzakelijk. De financiering van het onroerende gedeelte is meestal een moeilijkere puzzel. Vaak wordt om die reden ook op het moment van de overname gekeken naar de vermogensplanning van het gezin.

Waar kan men terecht voor hulp bij een bedrijfsovername?
  • Boekhouder: vanaf de start: hij/zij kent je bedrijf normaal gezien heel goed, en zal hier ook inzichten in kunnen hebben;

  • Kenniscentrum Bedrijfsopvolging: zij begeleiden de meer sociale kant van de bedrijfsopvolging: zij helpen met de eerste stappen: bij wie kan je terecht met welke vragen & in welke volgorde, wat moet je bespreken met wie van de familie, met welke aandachtspunten moet je rekening houden, … Ook bij de afspraken voor de samenwerking tussen de verschillende generaties kan je beroep op hen doen.

  • Bedrijfseconomisch adviseur: een bedrijfseconomisch adviseur, zoals bijvoorbeeld deze van SBB staat je bij tijdens de belangrijke kruispunten op je bedrijf, zoals een bedrijfsopvolging. Zij zijn op de hoogte van de laatste wijzigingen in de (landbouw gerelateerde) wetgeving en helpen je bij je ondernemersplan en het zoeken en opzetten van de optimale uitbatingsvorm voor jullie familiebedrijf. Dit hoeft niet noodzakelijk van dezelfde organisatie als je boekhouder te zijn. Belangrijk hier is dat je een adviseur kiest die de landbouwsector heel goed kent, en bij wie jullie zich goed voelen.

  • Bank: ook de bank kan je bijstaan bij je overname, je relatiebeheerder kent je bedrijf goed, en daarnaast hebben banken die wat voeling hebben met de sector ook specialisten die de landbouwwetgeving goed kennen en je op de nodige aandachtspunten kunnen wijzen.