Dag Maarten, jij werkt voor Agrotopia. Wat is dat precies?

Maarten: “Agrotopia is een dakserre van Inagro, waar professionele stadslandbouw centraal staat. In essentie is het een serre zoals elke teler die kent, maar dan bovenop het dak van de REO Veiling in Roeselare. Wat Agrotopia van andere dakserreprojecten onderscheidt, is een duidelijke focus op professionele landbouw. Andere initiatieven leggen vaker de nadruk op het sociale aspect van stadslandbouw, terwijl wij vertrekken vanuit de praktijk van de telers. Samen met hen, met technologiebedrijven en onderzoekers gaan we op zoek naar oplossingen voor actuele uitdagingen in de glastuinbouw.”

Agrotopia wordt wel eens omschreven als een ‘living lab’. Wat betekent dat?

Maarten: “Het is geen klassieke serre waar alles vastligt, maar een soort proeftuin waarin nieuwe teelttechnieken, technologieën en systemen getest worden in omstandigheden die zo dicht mogelijk bij de realiteit van een professioneel bedrijf liggen. We experimenteren onder meer met watergebruik, klimaatsturing, energie-efficiëntie en nieuwe teeltsystemen. We vertrekken vanuit de centrale vraag 'Hoe maken we de glastuinbouw klaar voor de toekomst?' Door te testen op schaal, kunnen we inschatten wat werkt, wat bijsturing vraagt en wat in de praktijk niet haalbaar blijkt.”

"Wat we hier testen, moet morgen ook werken op een echt landbouwbedrijf."

Maarten Ameye, onderzoeksleider tuinbouw onder afdekking

Welke teelten worden er allemaal gekweekt?

Maarten: “De focus ligt vooral op bladgewassen en vruchtgroenten zoals sla, kruiden, tomaten en komkommers. Daarvoor maken we gebruik van innovatieve teeltsystemen zoals hydrocultuur en gesloten watersystemen.”

Hoe gaat dat in zijn werk?

Maarten: “We kunnen water maximaal hergebruiken en zeer nauwkeurig sturen. Ook klimaatsturing op basis van data speelt een grote rol. Sensoren meten continu wat de planten nodig hebben, zodat we gericht kunnen ingrijpen. Dat vraagt een andere manier van denken, maar biedt ook kansen om efficiënter en duurzamer te telen. In verschillende systemen, zoals substraatteelt, eb-en-vloed, NFT en DFT wordt gezocht naar een maximale opbrengst met een minimale milieu-impact. Dankzij waterrecuperatie en -recirculatie ontstaat een gesloten waterbalans en komen er geen meststoffen in het grondwater terecht.”

Welke daken zijn geschikt voor een dakserre?

Maarten: “Niet elk dak komt in aanmerking. Draagkracht, windbelasting en logistiek zijn cruciale factoren. Idealiter wordt een gebouw van bij het ontwerp al voorbereid op een dakserre, zodat warmtestromen en waterstromen geïntegreerd kunnen worden. Bij de bouw van de REO Veiling werd daar rekening mee gehouden. Dat soort projecten vraagt wel investeringen en technische kennis, maar het toont hoe landbouw en industrie elkaar kunnen versterken.”

Welke impact heeft Agrotopia op de stad en haar inwoners?

Maarten: “Dakserres maken landbouw opnieuw zichtbaar, wat op zijn beurt het begrip tussen boer en burger versterkt. Met Agrotopia combineren we onderzoek, demonstratie en educatie. Via bezoekerscorridors, rondleidingen en openbedrijvendagen kan het brede publiek een blik werpen op de moderne landbouw. We merken dat er nog veel onwetendheid is over hoe landbouw vandaag werkt. Mensen reageren soms verbaasd op teelt op substraat, terwijl dat in de praktijk al jaren de norm is bij tomaten bijvoorbeeld. Door die technieken te tonen en toe te lichten, brengen we consumenten opnieuw dichter bij de sector. Tegelijk demonstreren we hier de nieuwste technieken voor telers, wat het ook voor hen een leerplek maakt.”

Zullen we in steden meer dakserres zien verschijnen?

Maarten: “We hebben ons voor Agrotopia laten inspireren door enkele Nederlandse projecten. In Vlaanderen zijn we een pilootproject, maar we geloven dat stadslandbouw in het algemeen zal toenemen, zeker in regio’s waar ruimte schaars is. Voor jonge ondernemers wordt het steeds moeilijker om grond te vinden of vergunningen te krijgen om uit te breiden. Tegelijkertijd kan bijvoorbeeld een dakserreproject een positieve rol invullen in CO2-uitwisseling. Op die manier kan professionele glastuinbouw bijvoorbeeld ook een plek krijgen in industriële zones. Stadlandbouw is geen vervanging van klassieke bedrijven, maar het kan wel een waardevolle aanvulling zijn. Volgens ons zullen er dus niet meteen overal dakserres opduiken, maar in sterk verstedelijkte omgevingen kunnen ze wel deel uitmaken van de oplossing. Dat vraagt een andere kijk op ruimtegebruik, logistiek en energie, maar het opent ook nieuwe perspectieven voor de hele sector, binnen en buiten de stad.”

"Telers hoeven hier niet te gokken, ze kunnen zien wat werkt."

Maarten Ameye, onderzoeksleider tuinbouw onder afdekking

Wat kunnen jonge boeren leren van een project als Agrotopia?

Maarten: “Innovatie is pas zinvol als ze haalbaar en toepasbaar is op het bedrijf. Daarom testen en sleutelen we hier aan theorieën en technieken op groter niveau, zodat ze ook het verschil kunnen maken op het veld. Jonge boeren hebben vaak niet de financiële ruimte om zelf uitgebreid te experimenteren. Net daarom is Agrotopia interessant: je ziet hier wat werkt, en wat nog niet. Daarnaast toont stadslandbouw dat landbouw niet altijd horizontaal moet groeien. Verticaal denken, slimmer omgaan met ruimte, input en arbeid worden steeds belangrijker. Die manier van denken is relevant, ook buiten de stad.”

Wat wil je zelf nog meegeven aan jonge land- en tuinbouwers?

Maarten: “Agrotopia toont dat landbouw ook in en rond de stad toekomst heeft. Door innovatie, vernieuwing en samenwerking kunnen jonge telers op een nieuwe manier veel profijt halen uit hun werk. Stadslandbouw is geen totale vervanging van klassieke landbouw, maar een aanvulling die nieuwe inzichten oplevert. Wie anders durft kijken naar ruimte en ondernemerschap, ontdekt mogelijkheden die vandaag nog niet vanzelfsprekend lijken.”