Wie ben jij, in godsnaam?
Dries: “Ik ben Dries Veys, geboren in 1982, officieel melkveehouder sinds 1 april 2001, afkomstig van Ruddervoorde. Verder ben ik voorzitter in Gewest Torhout en sinds een paar maanden provinciaal voorzitter. Ik ben in de Groene Kring gekomen door Elke Deraedt. Op de werktuigdagen heeft ze me overtuigd om bij de Groene Kring te komen.”
Vertel eens wat over het bedrijf?
Dries: “We hebben dus een melkveebedrijf in Egem en om eerlijk te zijn, is dit een tijdelijke situatie. Het is de bedoeling dat ik het bedrijf thuis ook overneem en dat alles samengevoegd wordt. Er bevindt zich ook nog een mestvarkensstal op het bedrijf in Egem, maar dit wordt door een buur gebruikt. We wonen niet op het bedrijf, maar we hebben wel het geluk gehad om op enkele meters een huisje te kunnen pachten. Elke dag ga ik ook naar huis om daar nog wat werk op te knappen.”
Hoe ziet een gewone werkdag er uit bij jou?
Elke (Vanacker, vrouw van Dries): “Ik zou dat ook wel eens willen weten, wat jij allemaal uitspookt als ik weg ben.”
Dries : “Dat begint met vier keer de wekker uitduwen, en vier keer een blauwe plek overhouden aan een stamp van mijn vrouw. Ik sta dus op tussen 6.30u en 7u.”
Elke : “Hm hm…”
Dries : “Daarna spring ik in mijn kleren en op de fiets om de koeien te gaan melken. Daarna volgt nog wat opkuiswerk, zodat ik om 9u een boterhammetje kan eten. Daarna spring ik weer op de fiets en ga ik de rest van het werk doen: voederen, verzorgen, …
Intussen is het 10.30u en vertrek ik naar Ruddervoorde Daar voer ik dan uit wat mijn vader en ik de dag voordien hebben afgesproken. Meestal staat het allemaal op een papiertje en is vader gaan vergaderen. Om 16u ben ik terug in Egem en dan eet ik met mijn vrouw een boterham. Daarna begint het werk weer: voederen, melken,… En als er ’s avonds een vergadering is met Groene Kring dan moet dat vroeg gedaan zijn. Ik probeer de avonden dat ik weg ben te beperken tot twee. De ene week lukt dat schitterend, de andere niet. Maar ik amuseer me en ik zou het niet meer willen missen.”
Waarom wilde je boer worden?
Dries: “Ik ben afgestudeerd toen ik 18 was en ik ben er van nature in gerold. Ik wilde niet verder studeren, want ik ging toch boeren en ik ging wel alles leren door het te doen,. Ik heb wel nog wat cursussen gevolgd bij Groene Kring. Voor we op het bedrijf in Egem gekomen zijn, heb ik nog in allerlei jobkes gedaan, van melkcontrole tot lasser, tot verzorger van de zeugen op een schoolhoeve. Dat zat me allemaal een beetje tegen: ik wilde mijn botten niet afdraaien voor een baas boven mij en varkens zijn ook niet mijn beste vrienden. Daarop lanceerde mijn vader het idee om een ander bedrijf over te nemen, dat was goed voor de toekomst en via via zijn we dan in Egem beland. Zo is dat een ideale situatie, ik heb een eigen stek en ik zit niet steeds bij mijn ouders. Als boer heb je dus je zelfstandigheid, maar daarnaast is het ook een gezinsvriendelijk beroep. Moest ik buitenshuis werken, dan zouden we hier niet op deze manier een interview kunnen afleggen op ons gemak. Je kan zelf je werk plannen en doe je eventjes niets, dan doe je niets. Ook zitten we altijd in de buitenlucht, in de volle natuur en daar kan ik wel van genieten. Verder probeer ik ook om iets in onze sector te zeggen te hebben en dat hoop ik met Groene Kring toch wel te doen.”
Hoe lang ga je nog verder in Groene Kring?
Dries: “Dat zal afhankelijk zijn van de bedrijfssituatie. Iemand die in mijn situatie zit, heeft nog de tijd om van alles te doen, maar als ik zelfstandig word, dan zal ik zeker dingen moeten laten vallen. Je moet keuzes maken. Nu probeer ik in mijn functie alle sectoren wat te vertegenwoordigen en ik hoop dat ik dat ook goed doe. Wel zou Groene Kring nog wat stouter uit de hoek mogen komen. Als we dan eens naast de bal slaan, dan kunnen ze dat volgens mij beter door de vingers zien, omdat we jong zijn. Met ludieke acties moeten we meer in het daglicht komen, eens bij een minister aan de deur staan of op de markt van Brussel.”
Hoe heb je je vrouw zo zot gemaakt om te boeren?
Dries: “We hebben elkaar leren kennen op 13 mei 2000. Ik liep zeker al met de gedachte om te gaan boeren in mijn hoofd. Ze is me daarin gevolgd, al had ze weinig keus, denk ik. Toch heb ik ook aan andere dingen gedacht, in het geval Elke niet zou willen. Zo kon ik ook garagist worden zoals haar vader, maar zo is het dus niet uitgedraaid. De keuze om te boeren heeft ook een beetje haar studiekeuze beïnvloed: ze is nu lerares in Tielt. Dat schept toch wel wat ruimte om te helpen met het bedrijf. We zijn sinds 13 augustus dit jaar getrouwd en Elke doet al het papierwerk, op het bedrijf zelf helpt ze niet mee en dat is een bewuste keuze. Het is de bedoeling dat dit in de toekomst ook zo zal blijven.”
Als je zou wedergeboren worden in een dier, welk dier kies je dan?
Dries: “Onze kat, dat beestje wordt hier de hele dag verwend en heeft een echt huisdierleventje.”
Geef je je koeien een naam?
Dries: “Op papier wel, maar niet in het echt. Er zijn er wel een paar misschien, zoals Poessie. Ik herken ze wel allemaal, dus moesten ze bij vreemde koeien staan, dan zou ik de mijne er zeker kunnen uithalen. Thuis zijn ze daar wel beter in, zo probeert mijn vader via de naam de familie te onthouden. De eerste letter is afhankelijk van het jaar waarin ze geboren zijn, neem bijvoorbeeld de N, dan heet de koe bijvoorbeeld Nelleke. Wanneer deze koe na enkele jaren een dochter krijgt, dan wordt deze bijvoorbeeld Pelleke genoemd. Dat zou ik ook wel willen, maar het komt er niet van. Dat komt ook mooi over bij anderen, het zijn geen nummers.”
Moest er nu brand uitbreken hier in huis, wat zou je eerst meenemen? En Elke staat al buiten, die moet je niet meer gaan halen.
Elke : “Je denkt dat hij mij eerst zou halen?”
Dries : Als ik serieus moet zijn, toch eerst de kast met papieren, want het zou een enorme miserie zijn, om naar alle bevoegde instanties te lopen om dat in orde te brengen. Moest het op het bedrijf branden, dan zou ik alle deuren open zetten en de koeien een schop in hun achterste geven om ze naar buiten te jagen.”
Wie is volgens jou de belangrijkste mens voor de landbouw?
Dries: “Een politieker of zo, daar kun je geen naam op kleven. Ik weet alleen dat we moeten werken aan de toekomst en dat kan enkel lukken als we dat samen doen.”